De miljoenenschat die de Odysee Marine Exploration in 2007 vond in een tweehonderd jaar oud scheepswrak, moest het bedrijf onlangs afstaan aan de Spaanse overheid. Dat betekent dat alle tijd en investeringen van deze professionele schatzoekers helemaal voor niets waren geweest. Afgelopen zomer keerden ze daarom terug naar zee om drie nieuwe schatten te gaan zoeken met hun geavanceerde apparatuur. De wrakken die ze op het oog hebben, zouden een totale waarde vertegenwoordigen van ruim één miljard dollar aan gouden en zilveren munten.

De wrakken die de schatzoekers op het oog hebben zijn de SS Manola, met aan boord zo’n 20 miljoen aan zilverstukken, de SS Gairsoppa met 200 miljoen aan zilver en de HMS Victory, de hoofdprijs met naar schatting zo’n 1 miljard aan goud aan boord. Ze beginnen hun zoektocht met de Gairsoppa, een Engels handelsschip dat in 1941 getroffen werd door een torpedo van een Duitse onderzeeboot. Het duurt niet lang voordat ze het wrak hebben gelokaliseerd op de bodem voor de Ierse kust. Maar dan begint het lastigste werk. Met hun Remote Operating Vehicle kunnen ze wel bij het schip komen, maar de scherpe metalen romp van de Gairsoppa dreigt het snoer door te snijden waarmee de ROV is verbonden aan het moederschip. Daarnaast is het onmogelijk om met de ROV het zware stalen ruim geopend te krijgen. Directeur Gregory Stemm besluit daarom om zwaarder geschut in te zetten: de Seabed Worker die in staat is om door zwaar staal heen te breken. Nadeel is dat dit schip nu nog in Noorwegen ligt en dat de operationele kosten met honderdduizend dollar per dag ruim driemaal zo hoog zijn. Met de inzet van dit kostbare schip wordt de druk om de zilverstukken naar boven te halen een flink stuk groter. Slagen de mannen van de Odysee Marine Exploration erin om de schat boven water te krijgen? En nog belangrijker: mogen ze hem dit keer wél houden?